Kokki Bitja

Bitja, de keukenmeid. Voorberichten in het Nederlands.



Kokki Bitja ataoe kitab masak masakan India, jang bahroe dan samporna, jang didalamnja terseboet bagimana orang-orang sediaken segala roepa-roepa makanan, manisan, atjaran, sambalan dan ijs. Batavia, Lange & Co., 1859, 5th ed., VIII,207,VIIp    

omslag kokki bitjaEen van de 'mysterieuze' boeken dat ik in mijn bezit heb, maar jammer genoeg niet volledig, is het kookboekje "Kokki Bitja", waarvan de vijf druk onder de titel "Kitab masak-masakan India" (!) al werd uitgegeven te Batavia in 1859.
Dit boek zou dan veel ouder zijn dan het overbekende 'Groot nieuw volledig Oost-Indisch Kookboek' van mevr. J.M.J. Catenius van der Meijden.
Het doel van het boekje van mevr. Catenius was: ".. iedere Hollandsche vrouw, zelfs de keukenmeid, in de gelegenheid te stellen, zonder hulp van Indische menschen, een eenvoudige rijsttafel
te bereiden.."

De uitgave die ik heb de 17 druk uit 1939 (Weltevreden) uitgegeven door boekhandel Visser & Co, en is getiteld: "Kokki Bitja; Bitja de keukenmeid".

Opmerkelijk hierbij is wel dat het voorwoord in het Nederlands werd geschreven en de recepten in het Maleis.
Zou dit boekje zijn geschreven voor de kokki of keukenmeid?
Wij kunnen van de geachte mevrouwen en mejuffrouwen keukenprinsessen van Europese afkomst niet verwachten dat zij allen de Maleise taal beheersten.

Desondanks, dat ik het broekje aantrof in de bibliotheek van mijn vader - die koken als zijn hobby beschouwde - is niet zo verwonderlijk. In het voormalig Nederlands-Indie  waren er ook "Indo-europese" gezinnen waar men Maleis sprak..

In het voorbericht spreekt de auteur Nonna Cornelia van de inlandsche tafel en van het handboek voor de inlandsche keuken.
In de tijd van Nonna Cornelia had men voor het gebied 'tussen Sabang en Merauke', nu Indonesië, kennelijk de benaming India (masak-masakan India!).

Wanneer mevr. J.M.J. Catenius van der Meijden in haar bovenvermeld boek schrijft: "Hoe komt het, dat een Indische tafel door Hollandsche handen bereid gewoonlijk minder smakelijk is dan wanneer zij door eene Indische is bereid?", dan zal zij met "Indische" vast en zeker een inlandse (inheemse, autochtone) vrouw bedoeld hebben.

De vermelding van een aantal fantasienamen (of aliassen) zoals onder andere Mevrouw SARONDENG, Mejuffrouw SESATé, Njonja SMOOR, bij de dankbetuiging is amusant en cynisch tegelijk.

Dit cynische komt weer terug in het 'hartbrekende woord van de uitgevers' naar aanleiding van het overlijden van NONNA CORNELIA.
Zij overlijdt namelijk ' enige dagen na de ontvangst van de kopij van het voorwoord tot de druk van december 1870 in huize Tiada-Katahoewan(?)
Haar plotselinge en voortijdige dood zou het gevolg zijn van "..zenuwachtige toevallen, veroorzaakt door het onschuldig mislukken van een KOEWEE-BROEDER.."
Dit mislukken, deze 'ontrouw' van de KOEWEE-BROEDER zou dan haar ".. oorsprong vinden in de felle ijverzucht van NONNA SOES (blz. 160), die zich, wegens het minder gebruik in den laatsten tijd, ten zeerste miskend zag en daarom alle ongeoorloofde middelen te baat nam, om den KOEWEE-BROEDER en derhalve ook NONNA CORNELIA, direct of indirect te schaden".

 

Opmerking: Waar dat "bitja" voor staat , weet ik niet.  Het lijkt op het Engelse bitch, maar of onze kokki een bitch is lijkt mij zeer onwaarschijnlijk. Waarschijnlijker is dat bitja en bica (bisa = kunnen)dezelfde betekenis hebben. Inderdaad, onze kokki kan goed koken.
Een andere suggestie (van Patrick): bijak: knap, ervaren, bedreven

 


* De scan van het titelblad van kokki bitja is uit: Joop van den Berg, "Ajoh dan, neem...neem..'. De geschiedenis van de rijsttafel.

Uitgev. BZZToh BV, 's Gravenhage 2002.

 
2005

 Volgende pagina >>