De voorvoegsels be, ber, bel
| Waar komt u vandaan? |
Dari mana asal Anda? Dari mana Anda berasal? |
De voorvoegsels be, ber, bel worden gebruikt om een werkwoord in de toestandvorm te
plaatsen.
| henti | berhenti | stilstaan, stoppen |
| kerja | bekerja | werken |
| ajar | belajar | belajar |
| jalan | berjalan | lopen |
a. De vorm met ber- komt het meest voor:
b. De vorm met be- komt voor bij werkwoorden die met een r beginnen, en vaak ook
bij woorden waarvan de eerste lettergreep op er eindigt zoals 'kerja'.
c. De vorm met bel komt alleen voor bij het stamwoord ajar.
Het voorvoegsel ber- wordt dus vóór het stamwoord geplaatst. Begint het
stamwoord met een r, dan verdwijnt de r van het voorvoegsel (ber-), zodat er
nooit 2 r's naast elkaar komen te staan: ber-rambut (behaard) wordt berambut.
opmerking:
1.
mengajar - (iemand iets) leren, onderwijzen
belajar - (zelf iets) leren
2.
voor een getal geplaatst betekent een woord met het voorvoegsel be- met z'n:
dua - berdua - met z'n tweeën
of in onderstaand voorbeeld een eenheid:
satu - bersatu - één worden (zijn), zich verenigen
