Eenvoudige conversatie I

Eenvoudige conversatie I
Is vader thuis? Ayah ada di rumah?
Weggegaan. Pergi.
Moeder? Ibu?
Naar de markt. Ke pasar.
Wilt u wachten? Anda mau menunggu?
Ja! Ya!
Kom binnen. Silakan masuk!
Dank je. Terima kasih!
Ga zittten. Silakan duduk!
Erg mooi, wat ben je aan het lezen? Asyik benar, sedang baca apa?
Een nieuwe roman. Novel baru.
Oh ja, wilt u koffie (drinken)? Oh ya, minum kopi?
1. Dat kan/mag (ook).
Boleh.

<< Vorige pagina | Volgende Pagina >>